Aandacht

Je plek weer vinden

“Leefbaarheid is een breed begrip,” zegt Geja Hagedoorn, Manager Wonen bij Wierden en Borgen. “Voor iedereen betekent het iets anders. Het gaat verder dan schone, veilige buurten. Het gaat ook over ontmoeting, herkenning en hoe je jouw plek vindt in een wijk. Het gaat om aandacht.”

Je plek weer vinden, dat is soms makkelijker gezegd dan gedaan. In wijken waar veel verandert, staat de onderlinge verbondenheid onder druk. Huizen verdwijnen, buren verhuizen en buurthuizen sluiten. Sommige mensen vertrekken, anderen blijven juist achter in een omgeving die niet meer dezelfde is.

Tussen wal en schip

Siska van der Laan, van het Huurders Platform Aardbevingen Groningen (HPAG), ziet dat van dichtbij. Haar woning in Delfzijl Noord is gerenoveerd, maar niet versterkt. Intussen is de buurt tegenover haar volledig vernieuwd. “Daar gebeurt veel”, vertelt ze. Bewoners worden goed betrokken, er is veel aandacht voor groen en nieuwe ontmoetingsplekken. Maar in haar eigen buurt is veel verdwenen. “Speeltuinen en buurthuizen zijn weg. Alleen de brede school is er nog.”

Sommige buurten in het aardbevingsgebied vallen tussen wal en schip. “Dat is begrijpelijk, maar wel jammer”, geeft Siska aan. “Bewoners voelen zich soms vergeten. En ik hoor meer mensen zeggen: we hebben hier niets meer.”

Aanbellen voor een gesprek

Om de leefbaarheid in het aardbevingsgebied te verbeteren, trekken de Kr8-corporaties gezamenlijk op. Na de parlementaire enquête over de gaswinning in 2023, besloten ze het anders aan te pakken. Ze ontwikkelden het woonactieplan: een gezamenlijke agenda voor herstel, vertrouwen en een leefbare woonomgeving.

Geen zaaltjes of enquêtes, maar menselijk contact. “We belden gewoon aan en vroegen huurders wat zij belangrijk vinden,” vertelt Geja. “Mensen waren bereid te praten, zelfs als ze eerst sceptisch waren. We werden overal binnengevraagd.”

Die gesprekken maakten indruk. Veel bewoners zaten nog midden in de impact van alles. “Je merkt dat de ruimte om vooruit te kijken soms ontbreekt. Mensen willen rust. Toch zijn de huurders stuk voor stuk trots op Groningen.”

De rol van woningcorporaties onderzocht

De inzichten uit de gesprekken sluiten aan bij wat Maaike Creusen zag tijdens haar onderzoek. Zij liep zes maanden stage bij Kr8 en won in 2024 de Aedes Scriptieprijs voor haar afstudeeronderzoek naar de rol van woningcorporaties in het aardbevingsgebied.

In haar onderzoek benadrukt ze dat de schade in Groningen niet alleen materieel is, maar ook immaterieel. “Woningcorporaties zijn niet wettelijk verplicht iets met leefbaarheid te doen”, schrijft ze in haar scriptie, maar doen het toch. “Soms uit noodzaak, maar vaak uit eigen ambitie.”

Van plan naar praktijk

In haar scriptie beschrijft Maaike ook waar het schuurt. Het woonactieplan van Kr8 is breed gedragen en ambitieus, maar de stap van papier naar praktijk blijkt weerbarstig. De energie is er, maar concrete stappen zijn moeilijk door onduidelijke verantwoordelijkheden. Dat geldt ook voor de aansluiting op bredere overheidsprogramma’s zoals Nij Begun, het landelijke herstelplan voor Groningen, met onder andere een sociale agenda.

Volgens haar is het opvallend dat woningcorporaties, ondanks hun ervaring en betrokkenheid, nog nauwelijks een rol hebben in de verdere uitwerking van die agenda. In haar scriptie schrijft ze: "De Kr8-corporaties horen aan tafel te zitten, gezien hun forse aandeel in de versterkingsopgave (30%) en de aanzienlijke investeringen die ze in de provincie hebben gedaan.”

Achter de voordeur beginnen

Maaike pleit voor meer erkenning van de rol die corporaties kunnen spelen bij het herstel van sociale netwerken en het verbeteren van leefbaarheid.

Ze werkte hiervoor een methodiek uit: de Groninger School. Een procesaanpak waarin corporaties, andere organisaties en bewoners vanaf het begin samen optrekken. Niet praten óver mensen, maar met hen. Het begint bij de voordeur, met aandacht. De kracht zit in het luisteren, durven starten en al doende leren.

Ook binnen Nij Begun zien de Kr8-corporaties kansen om die werkwijze voort te zetten. “Wij komen als een van de weinige organisaties nog echt achter de voordeur,” zegt Geja. “Op de plekken waar we bewoners goed kennen, kunnen we echt iets betekenen.”

De kleine dingen die het doen

Daarom heeft Kr8 aandacht voor sociale samenhang in nieuw samengestelde wijken. “De buurman met wie je altijd de krant deelde, woont niet meer naast je,” zegt Geja. “Dat doet wat met mensen.” De corporaties experimenteren met vormen van nazorg. Een huisbezoek na terugkeer, een barbecue of een rek met plantjes om de tuin opnieuw in te richten. “Het zijn kleine dingen die ontmoeting op gang brengen.”

Heb oog voor iedereen

Ook bewoners nemen initiatieven. In de nieuwe wijk Kwelderland in Delfzijl delen bewoners een schuurtje met gereedschap om samen aan hun tuinen te werken. In Delfzijl Noord ligt een groot grasveld waar ooit een sporthal stond. “Daar zou je een speeltuin kunnen maken of een plek voor ouderen met sporttoestellen,” zegt Siska. “Of gewoon een buurthuis, zoals we vroeger hadden.”

Haar boodschap aan Kr8 is duidelijk: “Vergeet de mensen niet die níet verhuizen, maar wel in het gebied wonen. Kijk ook hoe de wijk erbij ligt. Je ziet bij ons bijvoorbeeld dat het op sommige plekken verpaupert.”

Stappen in de goede richting

Of het nu gaat om nazorg, groen of het herstel van sociale netwerken: leefbaarheid ontstaat waar mensen zich gezien voelen. De Kr8-corporaties zetten stappen in die richting door samen te werken en elkaar scherp te houden. “We willen dat mensen in 2050 zeggen: kijk eens hoe mooi het hier is geworden. En dat ze dan nog steeds trots zijn dat ze in Groningen wonen”, sluit Geja af.